Tagarchief: facebook

ProjectXHaren – Is de schuldvraag nog relevant?

Terwijl de bewoners van Haren op zaterdagochtend de enorme schade van de rellen in hun dorp aanschouwden begonnen op internet, sociale netwerken en de ‘traditionele media’ de discussies los te barsten over wie er schuld hadden aan de ongeregeldheden.
Peter Breedveld van FrontaalNaakt legde schuld bij de ouders van Nederland wiens opvoeding de jeugd te veel vrijheid geeft. In de Trouw werd de schuld bij de gemeente Haren gelegd. Stevan de Jong betoogde in NRC Handelsblad dat de schuld ook bij de traditionele media lag en natuurlijk kregen ook de politie/ME Facebook  en de relschopper  de schuld toegewezen.
Het is echte de vraag of de schuldvraag nog wel relevant is anno 2012.

Het onstaan van ProjectXHaren is inmiddels algemeen bekend. Er kwam vervolgens een ongrijpbare beweging onder vooral jongeren op gang, die als snel zoveel momentum kreeg, dat hij niet meer was terug te draaien. Vervolgens liepen alle partijen achter de feiten aan. Overheden wisten zich geen raad, de politie had geen eenduidig plan van opereren, deskundigen werden het niet eens of er wel of niet een alternatief feest moest worden georganiseerd. Diverse radiostations en DJ’s gingen in de ‘vibe’ mee en verkondigen maar dat het een geweldig feest zou worden in Haren en een Harense supermarkt sloeg extra bier in voor wat extra inzet en om de feestvreugde te versterken.

Je zou kunnen zeggen dat de rollen waren omgedraaid. Normaal gesproken organiseren bedrijven of organisaties feesten die na een gedegen voorbereiding en overleg met verantwoordelijke partijen ontstaan. Gedurende het proces wordt de doelgroep klaar gestoomd voor het ‘feest’, middels reclame, berichtgeving in sociale – en traditionele media. Nu initieerden jongeren zelf hun ‘feestje’ in geen tijd maar met dramatische gevolgen.

Toch is het de toekomst. Dat burgers zelf het initiatief nemen en dat hoeft niet per definitie slecht af te lopen. De ongeregeldheden in Haren zou je een ongelukkige aankondiging kunnen noemen van de netwerksamenleving die aan het ontstaan is. In die samenleving kunnen burgers zich razendsnel organiseren en hebben de traditionele institutes het nakijken. Opgesloten binnen de muren van hun instituut zullen medewerkers en ambtenaren niet adequaat meer kunnen reageren op wat er in de samenleving speelt. Er is maar één antwoord, slecht die muren al kan ik zelf niet precies zeggen hoe.

Julian Assagne is een omstreden figuur, maar zijn uitspraak: ‘de komende strijd zal niet gaan tussen arm en rijk maar tussen het individu en de institutes’ heeft in ProjectXHaren gestalte gekregen. Er zijn geen schuldigen, een nieuwe wereld kondigt zich aan.

DMR

Het is niet de naam van een stoere, flitsende mannendeo. Het zijn ook niet de initialen van de nieuwe ‘mistery’ coureur van het autoprogramma Topgear.
 
Afbeelding
 
Het is de bijnaam van een Nerd. Een geniale maar ook bescheiden nerd. Dennis M Ritchie. De meesten zullen nooit van hem gehoord hebben. En ik ben eerlijk, ik ook niet, totdat ik het artikel in het Linux Magazine van november las. Begin oktober overleed hij, op zeventig jarige leeftijd, een week na Steve Jobs.
 
Lang voordat de PC gemeengoed werd,  legde hij de basis voor de werking en besturing van computers die tot op de dag van vandaag maatgevend is. Hij ontwikkelde Unix, nog steeds het uitgangspunt van alle besturingssystemen. Ook bedacht hij de programmeertaal C. Vrijwel alle moderne programeer-talen zijn op deze taal gebaseerd. Je zou hem bijna de vader van de software kunnen noemen. Geen geringe titel. In vakkringen is hij een gelouwerd man en van president Clinton kreeg hij een onderscheiding. Maar voor de gewone burger is hij een onbekende gebleven.
 
Afbeelding
 
Toen Steve Jobs overleed, leek de wereld even stil te staan. Bijna iedereen kende hem. Het Genie die ons de Mac, iPod, iPhone en iPad schonk. Het waren revolutionaire ontwikkelingen die de wereld voorgoed hebben veranderd. Vandaar ook dat journalisten wereldwijd aan zijn lippen hing bij iedere presentatie die hij gaf.
 
Maar Steve Jobs was ook heerszuchtig. Open standaarden waren aan hem niet besteed. Probeer maar eens om je kostbare iTunes collectie op een ander platform af te spelen, dan merk je hoe afhankelijk je van Apple bent geworden. Ook voert het bedrijf regelmatig rechtszaken met het doel de hegemonie in hun markt te behouden.
 
Jobs stond in zijn machtsstreven niet alleen. Onder Bill Gates heeft Microsoft een feitelijke monopolie positie weten te verwerven op de PC markt, met als resultaat dat op elke computer of laptop die in de winkel ligt is Windows voor geïnstalleerd.
 
 
Mark Zuckerberg, oprichter van Facebook is de man van het jaar 2010 geworden, omdat hij persoonlijke gegevens van mensen voor veel geld verkoopt aan derden, dat vinden we mooi tegenwoordig.  Ook Mark Zuckerberg streeft naar een monopolie positie en is niet dol op openheid, wat er binnen de hoge muren van Facebook gebeurt bepaalt hij, daarbij voornamelijk geleid door de wensen van zijn klanten en dat zijn niet de gebruikers. Zijn bedrijf ligt al jaren onder vuur vanwege voortdurende privacy schendingen.
 
Het doen en laten van deze grootheden staat in schril contrast met dat van DMR, over wie wordt gezegd:
Dennis was an unfailingly kind, sweet, unassuming, and generous brother–and of course a complete geek. He had a hilariously dry sense of humor, and a keen appreciation for life’s absurdities–though his world view was entirely devoid of cynicism or mean-spiritedness
 
Hij weigerde een baan bij Apple omdat hij liever werkte aan open source.
Dennis streefde niet naar macht, hebzucht was hem vreemd. hij wilde werken aan software omdat je daar zulke mooie dingen mee kan doen, voor iedereen. Die openheid en belangeloosheid gold ook wel voor de sfeer waarin hij en zijn collega’s werkten. Het bracht ons o.a. e-mail, irc en usenet.  Vrij en voor iedereen.
 
Zijn geest leeft voort in de software die we allemaal gebruiken, laten we hopen dat die geest zomaar een keer uit de fles komt, om een opener wereld voor ons allemaal te maken.
 

1%> Facebook <99%


Het succes van de #occupy beweging is onverbrekelijk verbonden met het succes van Facebook. Via de sociale netwerksite zijn in korte tijd een grote hoeveelheid mensen gemobiliseerd voor vele bijeenkomsten wereldwijd. Het is dus een zeer krachtig instrument dat zijn waarde ook al bewezen heeft in Egypte en Tunesië .
Het bedrijf verankert zichzelf op deze manier in de samenlevingen van bijna alle landen en is voor velen burgers al onmisbaar. Dit succes werkt als een magneet op investeerders, die dan ook in de rij staan om vele miljoenen in het bedrijf te mogen pompen. Hier schuilt echter ook een duistere kant van het bedrijf. De #occupy beweging keert zich tegen de oneerlijke verdeling van het geld en de graaizucht bij banken en grote bedrijven. Maar het zijn juist deze grote bedrijven die in Facebook investeren.

Ik denk dat de CEO’s van al die multinationals en investeringsmaatschappijen het gevaar nog niet beseffen. Via sociale netwerksites babbelen de mensen, naar hun mening over konijntjes, over dingen die ze gekocht hebben, over sport en over televisie programma’s. Dat Facebook ook gebruikt kan worden om mensen op te roepen tot protesten is een onvoorziene ontwikkeling. Als aanjager van de Arabische lente kan het nog waardering krijgen van CEO’s vooral omdat het het succes van Facebook waar ze zoveel geld in hebben geïnvesteerd vergroot. Maar als dat protest zich (steeds effectiever) tegen henzelf keert wordt het een heel ander zaak.

Nu is de #occupy beweging nog onschuldig en wordt het vooral gezien als een hobby van alternatievelingen. Maar wat gebeurt er als de deze beweging groter wordt en de CEO’s en bestuurders het benauwd gaan krijgen? Facebook zien ze als een machine waar veel geld mee verdiend kan worden, maar dan horen de gebruikers zich natuurlijk wel naar hun wensen gedragen. Het troetelkindje moet natuurlijk niet de poten onder hun stoelen vandaan gaan zagen! Dus wat te doen?

Facebook afsluiten zou te opzichtig zijn en hun investeringen bederven, bovendien zou dit tot grote ophef leiden, zoals dat (internationaal) ook het geval was in Egypte en Tunesië.
Een veel effectievere weg is het zwartmaken van de #occupy beweging. Aangezien vele media als kranten en televisiezenders in handen zijn van deze CEO’s is dat geen enkel probleem. Andere bevolkings groepen zullen opgezet worden tegen de geweldloze beweging. Ook zal er geprobeerd worden geweld uit te lokken door deelnemers aan de beweging te sarren en te treiteren. De kans is heel reëel dat ze daar in slagen. De volgende -onvermijdelijke- stap zal zijn dat de overheid ingrijpt. Dat zal het maar al te graag doen, want ze zitten met de beweging in de maag en elk legitiem lijkend excuus zullen ze dan ook zeker aangrijpen om deze luis in de pels onschadelijk te maken.

Ik heb maar 1 advies voor de #occupy beweging en dat is dat ze zich nooit moeten laten verleiden tot geweld. Dat zal moeilijk zijn, heel moeilijk. Als ze er in slagen geweldloos te blijven zal er uiteindelijk toch worden ingegrepen wat daarvoor zijn de belangen van overheden, banken en multinationals te vervlochten en te groot. Maar op dat moment zal het voor de doorsnee burger glashelder zijn dat de democratie faalt, want in het belang van die ene procent worden een oprecht streven van miljoenen burgers uiteen gelagen.

De macht van decentraal

Opstand der horden van Mirjam Vissers (http://www.mirjamvissers.nl/)

De wereld is in rep en roer. We kunnen geen andere conclusie trekken. In het Midden Oosten schreeuwen ze om democratie. In het de westerse wereld kraakt de democratie onder de druk van het opkomende populisme. De financiele crisis stelt de gevestigde orde en haar instellingen in een kwaad daglicht. Grondstoffen raken op, het eten wordt duurder en ons klimaat vervuilt. Er ontwikkelt zich een enorm krachtenspel waarvan het allerminst duidelijk is welke kant het opgaat.

Sociale media spelen in dit krachtenspel een belangrijke rol. Denk maar aan de invloed die ze hebben gehad bij de volksopstand in Egypte, of aan de impact van deze nieuwe media op de brand in de Moerdijk. Sociale media kunnen dus enorme krachten ontwikkelen onder de burgerbevolking en lijken zo voor regeringen en machthebbers een bedreiging te zijn. Er zit echter een flinke adder onder het gras, of beter gezegd een Python.

Veel mensen ervaren het alsof Sociale Media er plotseling waren. Niets is minder waar. Het internet kent illustere voorgangers als IRC, BBS, Jabber. Nieuwsgroepen en email zijn nog springlevend. Deze middelen waarmee mensen konden delen hebben (hadden) een gemeenschappelijk kenmerk, ze waren decentraal. Al deze diensten waren/zijn verdeeld over duizenden servers en beheerders wereldwijd. In het Linux Magazine van April wijst Koen Vervloesem in zijn column daar terecht op.

Met Twitter, Hyves, Facebook, Gmail etc ligt dat anders. Ze hebben maar 1 eigenaar en deze heeft de volledige controle over het beheer. De genoemde bedrijven zijn miljoenen/miljarden waard. Dat geld komt van investeerders. Daarmee tekent zich een beangstigend machtsblok af. Uitingen van die macht komen al voor. In een vorig blog wees ik er al op dat Apple apps weigert die haar investeerders niet welgevallig zijn. Facebook verwijderd bedrijfspagina’s, bijvoorbeeld die van vliegmaatschappij SAS naar eigen zeggen omdat hun reglementen worden overtreden.

Je kunt je terecht de vraag stellen hoelang het met onze vrijheid op sociale media goed gaat. Het enorme krachtenspel dat nu in de wereld gaande is kan zomaar de verkeerde kant opgaan, dan raken we onze vrijheid kwijt, tweets worden gewist, account verwijderd etc. Waar dat toe leidt kunnen we in China zien…

Misschien heeft Koen Vervloesem wel gelijk en moeten we terug naar het oorspronkelijke, decentrale karakter van het internet. Bij je internet provider of andere dienst die je vetrouwt bewaar je je sociale profiel. Dat kan heel goed als we werken met open standaarden. Alle (web) applicaties die deze open standaarden ondersteunen kunnen ons profiel lezen en gebruiken. Zoals dat ook gaat bij email. We kunnen dan gewoon met iedereen blijven netwerken en uitwisselen, er is echter een groot verschil. We zijn de baas over ons eigen profiel. Dat is de macht van decentraal.